Age

06 - 82 46 30 20

'Al die beelden uit Bosnië kwamen weer terug. Ik werd er gek van.'

Een minuut in de schoenen van Age

Het verhaal van Age

Ik ben uitgezonden geweest naar Bosnië. Ik was nog jong, ik had nog een leven voor me en koos voor het leger. Toen ik terug kwam is het eigenlijk allemaal begonnen. Ik had Bosnië met me mee genomen. Ik kon alleen nog maar aan die oorlog denken en alles wat ik daar had gezien. Die beelden raak je niet kwijt, die blijven op je netvlies zitten. Alles is daar kapot geschoten. We kwamen daar net na de val van Srebrenica om te helpen met opbouwen. Maar mensen hebben helemaal niets meer, ze strijden voor een enkele boodschap. Kinderen met helemaal niets, echt helemaal niets. Zelfs geen t-shirt, niets. En dan kom je terug hier in Nederland in een compleet ander leven en die beelden gaan met je mee.


Terug uit Bosnië
Toen ik terug was kwam ik niet meer tot rust. Ik had last van verschijnselen van benauwdheid en bangheid. Het ging niet goed met mij. Het was duidelijk dat ik hulp nodig had. Eén keer heb ik een keuring gehad. Er leek toen niet veel aan de hand te zijn. Alles wat ze gemeten hadden zag er wel goed uit. Misschien ligt het aan je jeugd, zeiden ze. Dat vond ik raar. Mijn jeugd was prima. Ik kwam uit een gezin met vier jongens waar ik de derde van was. Mijn ouders gingen scheiden toen ik net uit dienst kwam, maar dat was dus later. Dat veroorzaakt verdriet en narigheid, zeiden ze. Maar ik had toch echt andere verschijnselen die eerder op een post traumatisch stress syndroom leken. Dat werd wel erkend voor een klein percentage, maar daar werd verder niets mee gedaan. Blijkbaar was mijn verhaal niet ‘goed genoeg’. Want daar is het bij gebleven.

Dat was toch niet goed. Ik wilde er wel graag over praten en heb toen zelf een praatgroep opgezet met de jongens met wie we uitgezonden zijn geweest. Het is misschien ook wel beter om met deze mensen te praten dan met een psychiater. Voor zo iemand is het toch moeilijk om je helemaal in te leven, die weet niet precies wat we hebben meegemaakt. Met de jongens onderling praat het makkelijker en in openheid.

Drank en drugs
Maar goed, het ging dus toch van kwaad naar erger. Ik begon drank en later ook drugs te gebruiken om maar niet meer te voelen. Op dat moment was ik nog aan het werk als parkeerwacht, maar in zo’n functie wordt je ook niet altijd even vriendelijk benaderd. Sterker nog ik heb behoorlijk nare fysieke situaties meegemaakt. Veel agressie tegen gekomen van mensen die zo’n klem echt niet op hun auto wilden hebben. Ik kon dat maar moeilijk verkroppen. Ik moest daar dan ook mee stoppen. Het ging gewoon niet meer. Ik heb daarna verschillende andere banen geprobeerd maar het ging gewoon niet goed. Schulden gingen oplopen, de situatie verslechterde. Ik ben door gegaan totdat ik helemaal niets meer had. En dan, ja dan beland je dus uiteindelijk op straat. Iets wat je natuurlijk totaal niet verwacht van jezelf.

En dan wordt het lastig, leven op straat. Je probeert her en der te slapen. M’n moeder woonde toen in Almere. Daar heb ik een tijdje in de buurt kunnen logeren, zodat ik wel bij haar in de buurt was en tot rust kon komen. Het was ook goed om even Amsterdam uit te gaan.

En dan besef je je, dat beeld van die zwerver, daar op dat bankje met dat blikje bier. Dat ben ik geworden. Dan is het tijd om te bedenken wat je gaat doen; op dat bankje blijven zitten of stappen zetten om de situatie te veranderen.

Ik wist het wel. Dit moest stoppen. Stoppen met de drank en de drugs en zorgen dat ik de dingen weer op orde ga krijgen. Ik ben toen op eigen houtje toch weer gaan proberen om werk te krijgen, een project te doen en in de tussentijd een uitkering aan te vragen. Ik wilde niet meer op de straat. Van daaruit ben ik weer opgekropen.

Hulp
Ik heb bij HVO Querido aangeklopt voor hulp. Zij hebben me goed geholpen. Ik kon aansluiten bij een woon-werkproject. Ik woon daar nog steeds, ik werk bij Pantar en het gaat steeds beter. Inmiddels heb ik een leuke functie, waarin ik ook andere mensen kan helpen, kan adviseren die in moeilijke situaties zijn terecht gekomen. Ik heb het allemaal meegemaakt dus ik weet hoe het werkt. Mijn privé leven gaat weer goed. Misschien dat ik in de toekomst nog een ander huis wil, groeien in m’n werk, maar ik ben best tevreden met waar ik nu inmiddels sta.

Een greep uit de voicemailberichten aan Age:

“Mooi verhaal, indrukwekkend verhaal… Zoek hulp en kijk of je ook iets voor een ander kan doen. Dan kan je door wat voor een ander te doen ook je horizon verbreden. Dan alleen met je eigen verhaal. Heel veel sterkte, dag!”

“Ik ben trots op je man, godverdomme! Ik hou van je, kerel! Heh… het komt helemaal goed! Ik hoop je snel te zien. Echt! Ik ben trots op je, nogmaals.”

 
“Hoi, ehm.. Bedankt voor je mooie verhaal, en eh… Ja, hou je taai! En ik hoop dat je, en ik heb het einde van het verhaal niet gehoord nou, maar ik hoop dat je je beter gaat voelen. Doeg!”